I. INLEIDING

I.1 AANLEIDING

Sinds de jaren vijftig is het ruimtegebruik in Nederland drastisch veranderd.
Toenemende mobiliteit en vele grootschalige nieuwbouwprojecten hebben ervoor gezorgd dat de oppervlakte van het bebouwde gebied in vijftig jaar is verdubbeld. Grote verliezers zijn de natuur en de agrarische sector, die veel grondgebied hebben moeten inleveren. Ook de laatste jaren is de aanslag op het landelijke gebied rond de steden gigantisch. In het kader van de VINEX zijn en worden er honderdduizenden woningen gebouwd buiten de stadsranden, in grote wijken met een relatief lage dichtheid. De direct en indirect (o.a. voor infrastructuur om deze wijken te ontsluiten) benodigde ruimte bedraagt in geheel Nederland ruwweg dertigduizend hectare. Gevolg van deze ontwikkeling is dat er steeds minder landelijk gebied over blijft voor natuur, landbouw en recreatie.

Ook de gemeente Enschede wijst in haar toekomstvisie een aantal grote landelijke gebieden aan voor toekomstige woon- en bedrijfslocaties. Echter, Enschede bezit binnen het bestaande stedelijke gebied een aantal grote locaties die, indien creatief gebruikt, zeer geschikt zijn als hoogwaardige woon- en werklocatie. Deze gebieden worden in de toekomstvisie van de gemeente Enschede echter niet of nauwelijks genoemd! Ook toepassen van meervoudig en intensief ruimtegebruik wordt in de gemeentelijke toekomstvisie nauwelijks genoemd, terwijl dit, behalve beperking van de vraag naar de schaarse ruimte, vele voordelen heeft qua duurzaamheid (beperking mobiliteit / energiegebruik), veiligheid (geen grote bedrijfsterreinen die ’s avonds geheel verlaten zijn) en het imago van Enschede als grootste stad van het Oosten.

Op moment van schrijven wordt er gewerkt aan de ontwerpen voor de uitbreidingslocaties ‘het Vaneker’ (aan de noordzijde van de stad) en ‘het Brunink’ (aan de zuidzijde van de stad).
Echter, de VINEX-locaties de Eschmarke (5300 woningen waarvan 150 ha, ruim de helft, nog niet is gerealiseerd) en Groot Roombeek (30 ha, 1200 woningen, nog in de planfase) alsmede de stedelijke herstructurerings-wijken (in geheel Enschede honderden woningen waarvan vele buurten nog in de eerste fasen van het planproces) bieden nog zoveel ruimte voor woningbouw dat de gemeente nog jaren vooruit kan.
Naast deze locaties, die al in ontwikkeling zijn, zijn er binnen het stedelijk gebied van Enschede meerdere locaties, waaronder de gehele zone langs de A35, die in de gemeentelijke toekomstvisie geheel niet zijn benoemd maar die wel vele mogelijkheden bieden tot het ontwikkelen van hoogwaardige woon- en werklocaties. In totaal gaat het hier om ruim 200 hectare!
Al deze terreinen tezamen (ongeveer 400 hectare exclusief de herstructureringswijken) bieden genoeg ruimte voor een hoogwaardig en gevarieerd aanbod van woon- en werkmilieu’s voor alle lagen van de bevolking en allerlei verschillende bedrijfstakken, instellingen en voorzieningen.
Waarom kijkt de gemeente Enschede al naar het buitengebied als er binnen het stedelijke gebied ruimte genoeg is om jaren vooruit te kunnen???

Ik ben van mening dat het voor de komende jaren helemaal niet nodig is nieuwe uitbreidingswijken te bouwen, en wil door het schrijven van deze ‘alternatieve toekomstvisie’ aantonen dat er in Enschede vele mogelijkheden zijn om binnen het bestaande stedelijke gebied hoogwaardige, goed bereikbare woon- en werklocaties te ontwikkelen zodat het zeer aantrekkelijke buitengebied van Enschede haar natuurlijke, agrarische en recreatieve functies kan behouden.

I.2 ONDERZOEKSOPZET

Doelstelling

Het schrijven van een visie waarin wordt beschreven welke mogelijkheden er in Enschede zijn om, door middel van o.a. meervoudig en multifunctioneel ruimtegebruik, binnen het stedelijke gebied hoogwaardige en afwisselende woon-, werk- en leefmilieus te creëren die passen binnen de bestaande stad, ruimte bieden voor bewoners en werknemers uit alle lagen van de bevolking, en daardoor een zeer goed alternatief kunnen bieden voor nieuwe uitbreidingswijken, zodat deze uitbreidingen in het buitengebied niet meer nodig zijn.

Probleemstelling

Hoe moet er in Enschede met het stedelijke gebied worden omgegaan om ruimte te bieden voor nieuwe, hoogwaardige woonwijken en bedrijventerreinen die passen binnen de bestaande stad en die, door rekening te houden met de huisvestingswensen van toekomstige gebruikers, een alternatief kunnen bieden voor uitbreidingslocaties in het buitengebied.

Onderzoeksstappen

In de doel- en probleemstelling staan een tweetal belangrijke ‘eisen’ waaraan de binnenstedelijke ontwikkelingen moeten voldoen om inderdaad een alternatief te kunnen zijn voor uitbreidingslocaties: het passen binnen de bestaande stad en het voldoen aan de wensen van de toekomstige gebruikers. De bestaande stad is in de eerste fase van het onderzoek onderzocht en beschreven. De volgende onderzoeksstappen was het opzetten van de Alternatieve Toekomstvisie: een ‘raamwerk’, gebaseerd op de resultaten van de voorgaande onderzoeksstap, dat aangeeft hoe Enschede zich de komende tijd zou moeten ontwikkelen en het beschrijven van de woning- en bedrijvenmarkt.
De laatste onderzoeksstap is de uitwerking van één stadsdeel (de Zuiderval en omgeving) om te onderzoeken hoe de Alternatieve Toekomstvisie gestalte kan krijgen en of de doelstelling (niet uitbreiden maar inbreiden) inderdaad haalbaar is.

De onderzoeksstappen met bijbehorende hoofdonderzoeksvragen zijn hieronder in het kort weergegeven.

  1. Inventarisatie en analyse bestaande stad + beschrijving woning- en bedrijvenmarkt.
  2. Opstellen Alternatieve Toekomstvisie.
  3. Uitwerken locatie Zuiderval en trekken van conclusies.

I.3 SITUATIESCHETS

Enschede is een middelgrote stad met ruim 150.000 inwoners, gelegen in de regio Twente aan de oostgrens van Nederland. Enschede is van (boven-) regionale betekenis op het gebied van dienstverlening, onderwijs, wetenschap en cultuur, en is onder andere vestigingsplaats van de Universiteit Twente, het ITC, de Nationale Reisopera en het Orkest van het Oosten. Enschede is tevens één van de grotere studentensteden van het land en trekt (vooral op Zaterdag) duizenden winkelende bezoekers, van tot ver over de landsgrens.

Ontstaan

Enschede is ontstaan uit een kleine nederzetting op de grens van de bisdommen Münster en Utrecht, en is lange tijd een kleine stad gebleven. Door de opkomst van de textielindustrie, aan het begin van de 19e eeuw, groeide Enschede in betrekkelijk korte tijd uit tot één van de grootste industriesteden van Nederland. Gedurende anderhalve eeuw werd de stad gedomineerd door de textielindustrie, totdat daar in de jaren zestig van de 20e eeuw plotseling een einde aan kwam. Na een moeilijke periode met hoge werkloosheid is Enschede uitgegroeid tot een moderne woon- en werkstad met ongeveer 70.000 arbeidsplaatsen.

Omgeving

Enschede maakt, samen met Hengelo, Borne, Almelo en Wierden, deel uit van de Twentse stedenband. Dit is een dertig kilometer lange stedelijke zone die van het noordwesten tot het zuidoosten van Twente loopt. Aan weerszijden van deze band ligt het afwisselende Twentse landschap, met vele landgoederen, bossen en beekjes en heuvels tot 85 meter hoogte. Naast de agrarische functie is dit landschap ook van grote recreatieve, cultuur-historische en ecologisch-natuurlijke betekenis.

Structuur

De stad Enschede heeft een duidelijke structuur, bestaande uit singels en radialen. Vanuit het oorspronkelijk ei-vormige stadje liepen landwegen in alle richtingen. In de loop de jaren heeft de stad zich vooral langs deze wegen ontwikkeld; pas in de tweede helft van de twintigste eeuw werden de gaten tussen deze wegen opgevuld met grootschalige nieuwbouwwijken. In dezelfde periode werd er ten zuiden van de stad een geheel nieuw stadsdeel gebouwd, dat tegenwoordig van de rest van de stad is gescheiden door de A35 / N35.
In het westelijke (en laaggelegen) deel van de stad liggen de grootste industriegebieden en de Universiteit Twente. In het oostelijke, hogergelegen deel van de stad bevinden zich slechts enkele kleinere bedrijventerreinen; aan deze zijde van de stad wordt voornamelijk gewoond. In het midden van de stad liggen, langs de westelijke helft van de singelring, vele oudere bedrijventerreinen in een boog rond de binnenstad.

I.4 RUIMTELIJK BELEID

KAART : ONTWIKKELINGEN

In het kader van de VINEX-taakstelling worden in Enschede een tweetal wijken ontwikkeld: De Eschmarke (ruim 5000 woningen, ten oosten van de stad) en Groot Roombeek (ongeveer 1000 woningen, in het noordelijke deel van Enschede). In de gemeentelijke toekomstvisie wijst de gemeente nog een aantal andere bouwlocaties aan: Het Vaneker en het Brunink als exclusieve woonlocaties in het groen, De Usseleres en de Groote Plooij als bedrijventerrein en de Zuiderval als hoogwaardige kantoren- en woonwijk. Van al deze locaties is alleen laatstgenoemde een binnenstedelijke locatie.
Tevens wijst de gemeente in haar toekomstvisie een tweetal lijnen aan waarlangs nieuwe, stedelijke ontwikkelingen moeten plaatsvinden: de stadsas en de spoorzone. In de laatste is onder andere het muziekplein gepland: een complex waar verschillende culturele instellingen gehuisvest worden.

In verscheidene stadsdelen zijn herstructureringsprojecten in uitvoering of in planning. Het gaat hier onder andere om het Deppenbroek, Horstlanden-Veldkamp, de Wesselerbrink en de Laares. Op voormalige bedrijfspercelen worden woningen gebouwd, en tevens worden vele verouderde woningen vervangen door nieuwbouw. Het gaat hier veelal om kleinschalige projecten.